De ombudsman onderzoekt ingediende klachten over
gedragingen.
De ombudsman bevestigt de ontvangst van het
verzoekschrift aan de verzoeker.
Indien hij een onderzoek als bedoeld in artikel 9:18
van de Algemene wet bestuursrecht instelt, zendt hij
tevens een afschrift van het verzoekschrift aan het
bestuursorgaan, aan degene over wiens gedraging
wordt geklaagd en het betrokken afdelingshoofd.
De ombudsman kan gedurende het onderzoek aan klager,
het bestuursorgaan en/of ambtenaar voorstellen doen
teneinde onderling tot een oplossing te komen.
De ombudsman toetst de gedraging die aan de klacht
ten grondslag ligt aan het criterium van
behoorlijkheid. Al naar gelang de uitkomst van deze
toetst spreekt de ombudsman het oordeel uit of een
klacht geheel of gedeeltelijk gegrond of ongegrond
is. Indien het onderzoek naar het oordeel van de
ombudsman onvoldoende zekerheid verschaft over de
feitelijke toedracht van de gedraging, waarop de
klacht betrekking heeft, wordt geen oordeel
uitgesproken.
De ombudsman kan aan een bestuursorgaan
aanbevelingen doen om maatregelen te nemen.
Hoofdstuk
Artikel 14
Taak.
Onderdeel van Verordening interne en externe klachtenbehandeling gemeente Beuningen 2008