De ombudsman deelt, alvorens het onderzoek naar een
klacht te beëindigen, zijn bevindingen schriftelijk
mede aan het orgaan en/of de personen bedoeld in
artikel 1, lid 2, en de klager. Het orgaan en/of de
personen bedoeld in artikel 1, lid 2, en de klager
worden daarbij in de gelegenheid gesteld zich binnen
een aangegeven termijn omtrent deze bevindingen te
uiten.
Een onderzoek naar een klacht wordt in beginsel
binnen drie maanden afgesloten met een rapport,
waarin de ombudsman verslag doet van zijn
bevindingen en waarin zijn oordeel over de klacht is
neergelegd.
Indien dit onderzoek niet binnen de genoemde termijn met een
rapport kan worden afgesloten rapporteert de ombudsman zulks
schriftelijk aan de klager.
De ombudsman voorziet zijn rapport zo nodig van
aanbevelingen, die de klacht kunnen verhelpen of
soortgelijke klachten kunnen voorkomen.
De ombudsman zendt het rapport aan klager, het
orgaan en/of de personen bedoeld in artikel 1, lid
2, en zonodig aan anderen die bij het onderzoek zijn
betrokken. De ombudsman verstrekt desgevraagd aan
een ieder een afschrift of uittreksel van het
rapport, als bedoeld in het tweede lid. In
laatstbedoeld geval dient de anonimiteit van de in
het rapport genoemde personen te zijn
gewaarborgd.
De vorige leden zijn eveneens zoveel mogelijk van
toepassing indien de ombudsman zich geen oordeel
heeft kunnen vormen.
Hoofdstuk
Artikel 21
Bevindingen en oordeel.
Onderdeel van Verordening interne en externe klachtenbehandeling gemeente Beuningen 2008