Naar hoofdinhoud

Artikel 6

– Bevoegdheden met betrekking tot de garantieverlening

Onderdeel van Verordening, welke de algemene voorwaarden regelt bij verlening van garanties door de Gemeente Sliedrecht

Lid 1: Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd te besluiten omtrent het verlenen, weigeren en vaststellen van een garantie. Lid 2: Het college van burgemeester en wethouders beslist op een aanvraag voor een gemeentegarantie binnen acht weken na de ontvangst van de aanvraag. Lid 3: Het college van burgemeester en wethouders kan een beslissing op een aanvraag voor een gemeentegarantie voor de duur van maximaal vier weken verdagen. Lid 4: Het college van burgemeester en wethouders deelt een besluit tot verdaging schriftelijk mee aan de begunstigde, onder vermelding van de reden, en geeft daarbij aan de termijn waarbinnen de beslissing tegemoet kan worden gezien. Lid 5: Het college van burgemeester en wethouders kan de garantieverlening weigeren indien de garantieverstrekking niet past binnen door de gemeente vastgesteld beleid. Lid 6: Het college van burgemeester en wethouders kan de garantieverlening weigeren indien niet wordt voldaan aan de voorwaarden en criteria voor garantieverstrekking die bij of krachtens verordening of beleidsregel zijn vastgesteld. Lid 7: Het college van burgemeester en wethouders kan de garantieverlening weigeren indien redelijkerwijs niet kan worden verwacht dat de doelstellingen die met gemeentegarantieverlening beoogd zijn, zullen worden bereikt. Lid 8: Het college van burgemeester en wethouders kan de garantieverlening weigeren indien de aanvrager ook zonder de garantieverstrekking over voldoende gelden kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken, hetzij uit eigen middelen, hetzij door uit middelen van derden. Lid 9: Het college van burgemeester en wethouders kan de garantieverlening weigeren indien de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt. Lid: 10 Het college van burgemeester en wethouders kan de verleende garantie intrekken indien de overeenkomst van geldlening, waarop de garantie betrekking heeft, niet binnen drie maanden na verzending van het betreffende besluit tot stand komt en de hoofdsom volgens het overeengekomen sorterings- en aflossingsschema aan de geldnemer ter beschikking wordt gesteld. Lid 11: Het college van burgemeester en wethouders kan de verleende garantie intrekken indien door toedoen of nalaten van de geldnemer het risico dat voor de gemeente uit de verstrekte garantie voortvloeit significant wordt gewijzigd. Lid 12: In het geval zich een situatie voordoet die vraagt om nadere regels van aanvullende of specifieke aard, dan is het college van burgemeester en wethouders bevoegd deze regels te stellen, deze mogen niet in strijd zij met het internationale recht en de rechten van de mens. Wettelijke bepalingen: Artikel 7 – Wet Financiering decentrale overheden Artikel 8 – EG-verdrag Artikel 9 – Gemeentewet Artikel 10 – Burgerlijk Wetboek Artikel 11 – Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten Artikel 12 – Algemene Wet Bestuursrecht Artikel 7 tot en met 12 zijn nader verklaard in de toelichting. Voorwaarden aanvragen tot garantieverlening:

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel