Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:7:3:1

Militaire dienst

Onderdeel van CAR/UWO

Het bepaalde in artikel 3:7:2:1 is eerst van toepassing met ingang van het tijdstip waarop de ambtenaar gedurende twaalf maanden in werkelijke dienst is geweest, of, indien hij een eerste oefening van kortere duur had te vervullen, de eerste oefening heeft volbracht. De ambtenaar die ingevolge een wettelijke verplichting voor eerste oefening in werkelijke militaire dienst is, geniet gedurende de in lid 1 bedoelde periode de aan zijn betrekking verbonden bezoldiging tot een bedrag hetwelk gelijk is aan het op hem te verhalen gedeelte van de pensioenpremie. Het bepaalde in de leden 1 en 2 geldt niet: ten aanzien van de buitengewone dienstplichtigen die eerst in werkelijke dienst behoeven te komen na het jaar der lichting waartoe zij behoren of naar hun leeftijd gerekend kunnen worden te behoren; ten aanzien van ambtenaren, behorende tot degenen op wie het bepaalde in de artikelen 3:7:1 en 3:7:2:1 van overeenkomstige toepassing is verklaard, indien en voor zover burgemeester en wethouders zulks besluiten. Indien de ambtenaar bij opkomst in militaire dienst voldoet aan de voorwaarde, gesteld in lid 1, dan wel indien ingevolge lid 3 deze voorwaarde voor hem niet geldt, geniet hij, in afwijking van het bepaalde in artikel 3:7:2:1, gedurende veertien dagen na zijn opkomst de volle aan zijn betrekking verbonden bezoldiging.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel