De in artikel 4. van deze verordening bedoelde vergunningen
dienen door de leidinggevende schriftelijk te worden aangevraagd
door middel van de door de burgemeester vastgestelde
formulieren.
Bij de aanvraag om vergunning moeten de in deze verordening
genoemde bescheiden, alsmede die bescheiden die in de onder lid
1. genoemde formulieren worden gevraagd, worden overgelegd.
Indien de leidinggevende de in het eerste en tweede lid bedoelde
formulieren niet volledig heeft ingevuld dan wel niet alle
daarin gevraagde gegevens heeft verstrekt dan wordt de
belanghebbende of diens gemachtigde door of namens de
burgemeester in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken de
aanvraag aan te vullen of alsnog de gevraagde gegevens te
verstrekken.
Artikel 4:5., lid 2 van de Awb is overeenkomstig van toepassing
met dien verstande dat de aanvrager 4 weken de tijd krijgt om de
aanvraag aan te vullen met een vertaling.
Bij het indienen van een aanvraag moet een bij de
legesverordening vastgesteld bedrag worden voldaan.
Indien de leidinggevende de in het eerste en tweede lid bedoelde
formulieren niet volledig heeft ingevuld dan wel niet alle
daarin gevraagde gegevens heeft verstrekt of het in lid 5.
bedoelde bedrag niet heeft voldaan besluit de burgemeester dat
de aanvraag niet in behandeling wordt genomen. Artikel 4:5 van
de Awb is hierbij overeenkomstig van toepassing.
Ten aanzien van het voornemen om het verzoek om vergunning of
ontheffing geheel of gedeeltelijk af te wijzen, stelt de
burgemeester de leidinggevende in de gelegenheid binnen 2 weken
na schriftelijke mededeling daarvan, om zijn zienswijze naar
voren te brengen. Artikel 4:7 van het Awb is hierbij
overeenkomstig van toepassing.
Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht is niet van
toepassing.
Paragraaf II.
Artikel 2.
Bepalingen inzake de vergunningverlening ex artikel 4
Onderdeel van Verordening Exploitatie Openbare Inrichtingen