Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 3:9

- Participatieplaats

Onderdeel van Beleidsregels re-integratie Wwb, IOAW en IOAZ van de Gemeente Dongen 2012

1. Definitie: Participatieplaatsen zijn gericht op uitkeringsgerechtigden die het moeilijkst aan een baan kunnen komen. Deze groep krijgt de mogelijkheid om met behoud van uitkering te werken en zo te re-integreren. 2. Doel: Het college kan aan een uitkeringsgerechtigde een participatieplaats aanbieden als onderdeel van een re-integratietraject. Bij een participatieplaats staat het activeren van de klant voorop en niet direct gerichte arbeidstoeleiding. 3. Doelgroep De voorziening participatieplaats wordt ingezet voor uitkeringsgerechtigde met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en er op termijn mogelijkheden zijn richting regulier werk. 4. Nadere voorwaarden en duur van de voorziening Het college zet de participatieplaats alleen in, indien door de plaatsing van een   uitkeringsgerechtigde de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen onaanvaardbare verdringing plaatsvindt. De participatieplaats kenmerkt zich door: werken met behoud van uitkering; werken bij een publiek/privaat bedrijf of instelling; kent geen arbeidsovereenkomst en geen loonkostensubsidie; duurt maximaal 2 jaar. De participatieplaats kent de mogelijkheid van toekenning van: begeleidingskosten ten behoeve van de uitkeringsgerechtigde aan de werkgever; vergoeding van scholingskosten ten behoeve van de uitkeringsgerechtigde; aanvullende dienstverlening gericht op ondersteuning van werkgever dan wel de uitkeringsgerechtigde, voor zover dit noodzakelijk geacht wordt voor een succesvol traject gericht op arbeidsinschakeling; een premie voor de uitkeringsgerechtigden als bedoeld in artikel 10a lid 6 WWB. De premie bedraagt  maximaal  € 1200,00 per jaar Voor zover de belanghebbende niet beschikt over een startkwalificatie wordt binnen 6maanden na aanvang van de participatieplaats door het college bekeken in hoeverre scholing of opleiding kan bijdragen aan vergroting van de kans op inschakeling in het arbeidsproces. Het college betrekt bij de beoordeling bedoelt in onderdeel d het oordeel van degene in wiens opdracht de belanghebbende de participatieplaats uitvoert; de scholingswens van de belanghebbende. Beëindiging Onverlet het gestelde in artikel 3, derde of vierde lid, van de Verzamelverordening Wwb, eindigt de voorziening indien de belemmeringen en beperkingen dusdanig zijn afgenomen dat de inzet van andere voorzieningen aan de orde is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel