Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV › § 1

Artikel 253,

tweede lid, van de Gemeentewet Indien de belastingplicht, bedoeld in het eerste lid, voortvloeit uit het genot van een onroerende zaak krachtens eigendom, bezit of beperkt recht en de aanslag ten name van één van de belastingplichtigen is gesteld, kan de met de invordering van de gemeentelijke belastingen belaste gemeenteambtenaar de belasting - aanslag op de gehele onroerende zaak verhalen ten name van degene te wiens name de aanslag is gesteld, zonder

Onderdeel van Leidraad invordering gemeentelijke belastingen 2006

rekening te houden met de rechten van de overige belastingplichtigen.

Rechtspraak bij dit artikel