**1..** De voorzitter en de leden van een andere commissie van advies worden, behoudens in het geval dat toepassing is gegeven aan het bepaalde in artikel 3A, lid 4 van deze verordening, benoemd voor een periode van 4 jaar. In het instellingsbesluit van de betreffende commissie kan worden bepaald of deze periode samenvalt met de raadsperiode. Voor zover de voorzitter of een lid van een andere commissie van advies tevens lid zijn van de raad geldt voor hen de bepalingen zoals opgenomen in artikel 5, de leden 1, 2, 3, 4.
**2..** De aftredenden zijn dadelijk weer herkiesbaar, tenzij in het instellingsbesluit van de betreffende commissie anders is bepaald.
Hoofdstuk
Artikel 5
A BENOEMING VOORZITTER EN LEDEN ANDERE COMMISSIES VAN ADVIES
Onderdeel van Kaderverordening commissies van de raad 2002