Objectbeschrijving
In het gebied bevinden zich diverse recreatieterreinen voor
verblijfsrecreatie. De terreinen worden veelal omringd door opgaande
beplanting, waardoor deze vanaf de openbare weg niet of nauwelijks
zichtbaar zijn. De bebouwing is kleinschalig en introvert ten
opzichte van de omgeving, zij is niet prominent in het landschap
aanwezig.
De recreatieve bebouwing heeft veelal één bouwlaag met een
bescheiden zadel- of tentdak. Het betreft enkelvoudige vormen, met
de nadruk op rechte lijnen en een geordende gevelindeling. De
geleding is evenwichtig. Detailleringen worden niet veelvuldig
toegepast bij de recreatieve bebouwing. Overstekken treft men wel
veel aan. Het materiaalgebruik bestaat hoofdzakelijk uit natuurlijke
materialen: hout en bakstenen, pannen en riet.Waardebepaling,
ontwikkelingen en beleidDe kleinschaligheid van de bebouwing en de
besloten ligging zijn belangrijke waarden. Het beleid van de
gemeente is gericht op het in stand houden van het extensieve
karakter van de bebouwing.Bij de (ver)bouw van bebouwing dient
extra aandacht te zijn voor de plaatsing in en het karakter van de
omgeving.
Objectcriteria
Ruimtelijke structuur
- De bouwwerken passen in de omgevingskarakteristiek (bebouwing) en
de bestaande organisatie op het perceel en zijn gerelateerd aan de
landschappelijke inrichting.
Plaatsing
- De bebouwing mag geen afbreuk doen aan het landelijk karakter van
de omgeving.
- De bouwwerken hebben een gevarieerde plaatsing op de kavels.
Massa en vorm
- De bebouwing is vrijstaand.
- De bebouwing heeft niet meer dan één bouwlaag, woonruimte onder de
schuine kap is mogelijk.
Detaillering, kleur- en materiaalgebruik
- Gevels hebben een neutrale en horizontale geleding.
- Detailleringen worden terughoudend en sober uitgevoerd.
- Het materiaalgebruik bestaat in hoofdzaak uit natuurlijke
materialen, met de nadruk op hout, baksteen, pannen en riet.
- Het kleurgebruik is ingetogen, met de nadruk op aardkleuren en
donkere tinten.