**1..** Wanneer in het vestigingsbesluit/de overeenkomst is opgenomen dat een erfdienstbaarheid van voetpad en/of weg wordt gevestigd, geldt ter zake het hier in dit artikel bepaalde:
onder een erfdienstbaarheid van voetpad wordt verstaan: de verplichting om te dulden dat de in de akte van vestiging omschreven of op de aan die akte gehechte situatietekening aangegeven strook grond gebruikt wordt als voetpad om te voet, met een fiets, kruiwagen of ander klein voertuig te komen en te gaan van en naar de openbare straat. Gemotoriseerde voertuigen mogen slechts met afgezette motor worden meegevoerd. Het onderhoud van het voetpad is voor rekening van het heersende erf. Indien en voorzover het voetpad mede wordt gebruikt of redelijkerwijs kan worden gebruikt door het dienende erf en/of andere heersende erven, zijn de lasten van het onderhoud voor gezamenlijke rekening.
Onder een erfdienstbaarheid van weg wordt verstaan: de verplichting om te dulden, dat een in de akte van vestiging omschreven of op de aan die akte gehechte situatietekening aangegeven stuk grond gebruikt wordt niet alleen als voetpad doch ook als weg om met een twee- of driewielig motorvoertuig en automobiel of ander vierwielig voertuig te berijden. Parkeren of op andere wijze versperren van de weg is niet toegestaan. Het onderhoud van de weg komt ten laste van de gebruikers daarvan naar verhouding van de aard en veelvuldigheid van het gebruik. De erfdienstbaarheid is gevestigd uitsluitend ten behoeve van het heersend erf met de bestemming als in de akte van vestiging.
**2..** Op de grens van de percelen, voorzover aan beide zijden langs die grens erfdienstbaarheden van voetpad en/of weg zijn gevestigd, mogen geen afscheidingen worden geplaatst.
**3..** De stroken grond waarover de erfdienstbaarheden van voetpad en/of weg zullen worden uitgeoefend, mogen nimmer worden bebouwd of beplant, of voor opslagplaats of bergplaats worden gebezigd.
**4..** Van de hiervoor vermelde erfdienstbaarheden dient gebruik te worden gemaakt overeenkomstig het hiervoor bepaalde. Indien van die rechten gebruik wordt gemaakt op een wijze strijdig met de wet en/of het hiervoor bepaalde, is het heersend erf daarvoor aansprakelijk en verbeurt, onverminderd alle andere rechten, een boete groot vijftig gulden (f. 50,--) per overtreding, welke boete evenwel alleen dan is verschuldigd wanneer de eigenaar/erfpachter van het heersend erf op zijn verplichtingen bij aangetekend schrijven is gewezen met de mededeling dat bij herhaalde overtreding tot vordering van de boete zal worden overgegaan. Het in dit punt 4 bepaalde geldt niet zolang de gemeente eigenaar/gebruiker is van het heersend erf.
Artikel 39
Erfdienstbaarheden van voetpad en/of weg
Onderdeel van Algemene erfpachtvoorwaarden registergoederen 1994