1. Met behulp van het systeem van functiewaardering is voor de betreffende functie een geldende functieschaal bepaald.
2. Indien en zolang de medewerker nog niet alle functiebestanddelen van de functie uitvoert dan wel nog niet aan alle functie-eisen voldoet, wordt hij ingedeeld in de aanloopschaal.
3. Bij indiensttreding wordt het salaris van de medewerker op de bij de functie behorende aanloopschaal of de functieschaal bepaald. Hierbij wordt rekening gehouden met opleiding, ervaring, kennis en vaardigheden van de kandidaat uit onderzoek. Ook wordt rekening gehouden met de onderlinge salarisverhoudingen binnen de afdeling.
4. De medewerker die is benoemd in twee of meer functies, welke apart zijn beschreven en gewaardeerd, kan voor elk van die functies, naar rato van de betrekkingsomvang worden ingeschaald en beloond.