a. De gemeente kan het erfpachtrecht opzeggen om redenen van algemeen belang. De beëindiging geschiedt door opzegging van het recht en wel nadat burgemeester en wethouders een daartoe strekkend besluit hebben genomen.
b. In dit besluit wordt gemotiveerd uiteengezet wat de redenen zijn die opzegging van het recht in het algemeen belang rechtvaardigen.
Burgemeester en wethouders geven de erfpachter en de hypotheekhouder en eventuele derden belanghebbenden kennis van het besluit bij aangetekend schrijven. Tevens maken burgemeester en wethouders het voornemen op de voor onteigening van grond gebruikelijke wijze algemeen bekend.
c. In het besluit van burgemeester en wethouders wordt de dag bepaald waarop het erfpachtrecht uiterlijk moet worden opgezegd. Opzegging vindt vervolgens plaats bij deurwaardersexploot en met inachtneming van een termijn van tenminste één jaar vóór de dag waarop het recht uiterlijk moet zijn opgezegd. De opzegging moet -op straffe van nietigheid- binnen acht dagen tevens betekend worden aan de hypotheekhouder en aan anderen die als beperkt gerechtigde of als beslaglegger op het erfpachtrecht of het ondererfpachtrecht in de openbare registers staan ingeschreven.
d. Indien het erfpachtrecht eindigt volgens het bepaalde in dit artikel zijn burgemeester en wethouders bevoegd daarvan te doen blijken in de openbare registers, zulks onder verwijzing naar de aan de erfpachter gedane opzegging.
e. Indien op de dag dat het erfpachtrecht eindigt blijkt dat de grond en de opstallen niet zijn ontruimd kunnen burgemeester en wethouders zonder nadere ingebrekestelling ontruiming doen bewerkstelligen, één en ander met inachtneming van de door derden rechtmatig verkregen gebruiksrechten.
Hoofdstuk
Artikel 45
Opzeggen van het erfpachtrecht door de gemeente
Onderdeel van Algemene Bepalingen voor uitgifte van onroerende zaken in erfpacht 2006