**1..** De eigenaar of houder van een hond is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet:
**a..** op alle openbaar toegankelijke plaatsen binnen de bebouwde kom;
**b..** op een gedeelte van de weg dat is bestemd of mede is bestemd voor het verkeer van voetgangers;
**c..** op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide;
**d..** op een andere door burgemeester en wethouders aangewezen plaats.
**2..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor de gemeentelijke hondentoiletten en voor uitdrukkelijk door Burgemeester en wethouders aangewezen plaatsen.
**3..** De eigenaar of houder van een hond is verplicht bij het uitlaten van de hond binnen de bebouwde kom een deugdelijk hulpmiddel, dat gezien de vorm en constructie als zodanig is bestemd voor het verwijderen van de uitwerpselen, bij zich te dragen en dit op de eerste vordering van de met zorg voor de naleving van de bepalingen van deze verordening belaste ambtenaar, te tonen.
**4..** De strafbaarheid wegens overtreding van het in het eerste lid, onder a en b, gestelde gebod wordt opgeheven, indien de eigenaar of houder van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 12
Artikel 2.62
Verontreiniging door honden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2010 APV