**1..** Een verlaging wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
voor de
voorziening in het bestaan zoals bedoeld in artikel 18, lid 2 WWB,
anders dan het
niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid als bedoeld in
artikel 3, lid 4,
sub b van deze verordening, wordt vastgesteld op 20% van de
bijstandsnorm
gedurende de periode dat de belanghebbende zonder algemene bijstand
had
gekund, met een minimumduur van één maand, danwel op 100% van het
theoretisch te verstrekken bedrag aan bijzondere bijstand. 2. Onder
tekortschietend besef van verantwoordelijkheid wordt in ieder geval
gerekend:
**a..** het verwijtbaar verlies van inkomen anders dan door beëindiging van
het dienstverband; b. het te snel interen, danwel buiten het zicht
overhevelen van vermogen;
**c..** het geen gebruik maken, danwel het door eigen toedoen geen gebruik
kunnen maken van voorliggende voorzieningen, waaronder sociale
zekerheidsuitkeringen;
**d..** het niet indienen van een alimentatievordering, danwel het afzien
van reeds
vastgestelde alimentatie.
Hoofdstuk 3.
Artikel 5
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Afstemmings- en fraudeverordening WWB en IOAW