Voor de berekening van kosten en de vaststelling van exploitatiebijdragen,
wordt onder kosten van in exploitatie brengen begrepen:
a.De inbrengwaarde van de binnen het exploitatiegebied door de gemeente in
te brengen gronden, bestaande uit:
de waarde van de grond;
de waarde van de opstallen die voor de verwezenlijking van de
bestemming niet gehandhaafd kunnen worden;
de kosten van het vrijmaken van de gronden van opstallen;
de kosten van verwijdering van zich in de grond bevindende
funderingen, leidingen kabels e.d.;
de kosten van schadevergoedingen en schadeloosstellingen en van het
teniet doen gaan van persoonlijke en zakelijke rechten en
lasten.
De waarden bedoeld sub 1 en 2 worden vastgesteld op basis van
marktwaardeberekening, doch niet lager dan het totaal van de gemeentelijke
kosten van verwerving, beheer inclusief renteverliezen ter zake van die
gronden en opstallen.
De inbrengwaarde van de binnen het exploitatiegebied gelegen gronden
van derden, voorzover die inbrengwaarde ten behoeve van een
redelijke en evenredige toerekening van kosten in de
exploitatieopzet wordt betrokken.
De kosten van aanleg of uitvoering door de gemeente van de onder
artikel 1, lid b omschreven voorzieningen van openbaar nut binnen
het exploitatiegebied.
De kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar nut buiten het
exploitatiegebied voor zover de binnen het exploitatiegebied
liggende onroerende zaken door deze voorzieningen direct dan wel
indirect gebaat zijn, waaronder voorzieningen zoals bedoeld in
artikel 1, lid b.
Alle geldelijke gevolgen voor de gemeente van overige werkzaamheden
die noodzakelijk zijn voor het verlenen van medewerking aan het in
exploitatie brengen van gronden, in ieder geval:
de kosten van planontwikkeling, planvoorbereiding,
planbeheer en plantoezicht. Onder deze kosten wordt ten
minste verstaan; de kosten verband houdende met het
opstellen of vervaardigen van structuurplannen,
bestemmingsplannen, planmatige uitwerkingen of -wijzigingen,
besluiten tot het verlenen van vrijstelling van een
bestemmingsplan en van overige planologische maatregelen
voor zover deze nodig zijn voor het in exploitatie brengen,
alsmede toe te kennen planschadevergoedingen ex artikel 49
WRO;
de kosten verband houdende met onderzoeken, voorbereidingen
en toezicht ten behoeve van de voorzieningen van openbaar
nut voor zover deze verband houden met in exploitatie
brengen van gronden binnen het exploitatiegebied;
de kosten van het gemeentelijk apparaat en van ingeschakelde
externe adviseurs, voor zover die rechtstreeks aan het in
exploitatie brengen van gronden kunnen worden
toegerekend;
de rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten,
verminderd met rente-opbrengsten;
de kosten van tijdelijk beheer van de ondergrond van
openbare voorzieningen en van onderhoud van deze
voorzieningen gedurende een door de raad vast te stellen
eerste gebruiksperiode;
bijdragen aan fondsen, overeenkomstig het bepaalde in
artikel 4 lid d.
overige kosten die in beginsel ten laste van de exploitatie
behoren te worden gebracht.
Artikel 2.
Kosten van exploitatie
Onderdeel van Verordening houdende de voorwaarden waaronder de gemeente medewerking zal verlenen aan het in exploitatie brengen van gronden