Tot het resultaat ‘het kunnen voeren van een huishouden’ behoren de volgende werkzaamheden:
essentiële hygiëne van de huishouding: schone bedden, kleding, licht verstelwerk(zoals knoop aannaaien), sanitair, keuken, vloeren stofzuigen en dweilen;
het zorgen voor eten en drinken: aanschaffen voeding, bereiden en tot zich doen nemen van voedsel en drinken, afvoeren van vuilnis;
incidentele werkzaamheden: ramen lappen, kasten schoonmaken;
het verzorgen en voor beperkte tijd opvangen van aanwezige hulpbehoevende personen (kinderen);
verzorgen van dieren en planten;
ondersteunen bij het aanleren van huishoudelijke vaardigheden en/of het organiseren van het huishouden.
Verzorgen van dieren en planten is opgenomen in de normtijden, hiervoor wordt geen extra tijd berekend.
Het resultaat ‘het kunnen voeren van een huishouden’ omvat dus in principe het uitvoerende huishoudelijke werk. Als er jonge kinderen aanwezig zijn, valt het voor beperkte tijd opvangen en verzorgen van deze kinderen ook onder hulp bij het huishouden, als de primaire verzorgers (ouders) uitgevallen zijn en er geen informele zorg beschikbaar is. Binnen deze periode wordt dan gezocht naar een, zo nodig, permanente oplossing. Het is echter geen kinderopvang en ook geen persoonlijke (lichaamsgebonden) verzorging.
Daarnaast kan enige begeleiding bij of het aanleren van huishoudelijke vaardigheden deel uitmaken van de hulp, uiteraard alleen voor korte tijd.
Het uitgangspunt bij de textielverzorging dat het uitsluitend normale kleding betreft voor alledag. Daarbij is het uitgangspunt dat zo min mogelijk kleding gestreken hoeft te worden. Met het kopen van kleding kan hier rekening mee worden gehouden.
Ondersteunen bij of overnemen van
De inzet van hulp bij het huishouden kan zowel gaan om volledig overnemen, als het overnemen van een gedeelte van de werkzaamheden, bijvoorbeeld activiteiten die voor belanghebbende te zwaar geworden zijn. Ondersteuning kan ook betekenen het (leren) organiseren van het huishouden of het aanleren van huishoudelijke vaardigheden als belanghebbende of de leefeenheid waartoe hij behoort hiertoe niet in staat is. Het leren organiseren of het aanleren van vaardigheden zal altijd een tijdelijk karakter hebben.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1
Inleiding
Onderdeel van Beleidsregels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Leeuwarden