Indien een erf of terrein, dat vanaf een openbare weg, een openbaar vaarwater of een andere voor het publiek toegankelijke plaats zichtbaar is, in zodanige staat verkeert dat daardoor naar het oordeel van burgemeester en wethouders het uiterlijk aanzien van de gemeente op ontoelaatbare wijze wordt geschaad, kunnen burgemeester en wethouders de zakelijk gerechtigde of de gebruiker van het desbetreffende erf of terrein bij aanschrijving gelasten daarin verbetering te brengen, aan welke last deze, alsmede zijn eventuele rechtsopvolger(s) verplicht is (zijn) op de daarbij aan te geven wijze en binnen de daarbij te stellen termijn gevolg te geven.
HOOFDSTUK IV
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Verordening tot bescherming van natuur en uiterlijk aanzien van de gemeente Nieuwegein