**1..** De benoeming van de leden in de commissie geschiedt door een periode van vier jaar. Om de twee jaar treedt een zo veel mogelijk gelijk aantal leden af volgens een door de commissie op te stellen rosster van aftreden.
**2..** Het lidmaatschap van de commissie eindigt:
op eigen verzoek;
bij het vervullen van een functie of betrekking zoals bedoeld in artikel 6, lid 5;
ontslag door het college;
vervallenverklaring van het lidmaatschap op grond van het in deze verordening bepaalde in artikel 6, lid 7.
**3..** In een vacature wordt zo spoedig mogelijk voorzien overeenkomstig hetgeen in deze verordening is bepaald omtrent benoeming.
**4..** Behoudens het geval, dat toepassing is gegeven aan het bepaalde in deze verordening over de vervallenverklaring van het lidmaatschap, blijven de leden zo mogelijk hun functie vervullen tot dat hun opvolger is benoemd.
**5..** Een opvolger treedt af op het moment dat het lid dat hij is opgevolgd volgens rooster zou moeten aftreden.
**6..** Herbenoeming van de leden voor een volle zittingsperiode van vier jaar van de commissie is slechts twee maal mogelijk.
Hoofdstuk
Artikel 7