Naar hoofdinhoud
1.. De commmissie benoemt uit haar midden een voorzitter, secretaris en penningmeester. De penningmeester dient over financieel-economische deskundigheid te beschikken, zoals vermeld onder artikel 6, lid 4 onder b. Aan de functie van voorzitter zullen specifieke eisen worden gesteld. Een lid van de commissie kan slechts in één van de functies worden benoemd. 2.. De voorzitter, secretaris en penningmeester vormen het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur benoemt uit zijn midden een plaatvervangend voorzitter. 3.. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de dagelijkse gang van zaken betreffende het bestuur van de scholen. Hiertoe behoren onder meer het voorbereiden en uitvoeren van de besluiten van de commissie. 4.. De commissie kan het dagelijks bestuur machtigen bepaalde met name te noemen bevoegdheden uit te oefenen volgens nader door de commissie te stellen regelen. 5.. De voorzitter en de secretaris tekenen de stukken die van de commissie uitgaan. Bij afwezigheid van een van beiden tekent de penningmeestser. 6.. De ambtelijk secretaris draagt zorg voor de archivering van stukken die van de commissie uitgaan en van de bij de commissie inkomende stukken. 7.. Het bestuur wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter. 8.. Het bestuur kan besluiten dat op een andere wijze dan het bepaalde in het zevende lid in de vertegenwoordiging wordt voorzien.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel