Naar hoofdinhoud

Artikel Tijdens de schuldhulpverlening fase 1 minnelijke traject

Artikel Tijdens de schuldhulpverlening fase 1 minnelijke traject

Onderdeel van Beleidsregels Schuldhulpverlening ISD de Kempen

Ook voorafgaand aan een eventuele schuldregeling (WSNP of fase 2 minnelijke traject) kan het besteedbare inkomen beduidend lager zijn dan het eigenlijke te ontvangen inkomen. Deze betalingen dienen in principe niet te worden meegenomen bij de berekening van de draagkrachtruimte. Als men een relatief hoog inkomen heeft, maar vanwege een executoriaal beslag op het inkomen feitelijk minder ontvangt, moet volgens de rechter (Uitspraak CRvB d.d. 28-3-2006, nr. 04/5465) bij de vaststelling van de draagkrachtruimte uitgegaan worden van dit lagere inkomen. Een andere uitspraak van de CRvB (d.d. 08-01-2008, nr 07/146) geeft aan dat er geen sprake is van uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten van het bestaan in de zin van artikel 35 lid 1 WWB, als de kosten waarvoor bijzondere bijstand is aangevraagd zich voordoen als gevolg van verwijtbaar nalatig gedrag. Wij stellen voor bij schuldhulpverlening in fase 1 van het minnelijke traject in principe niet uit te gaan van het feitelijk besteedbare inkomen (inkomen na aflossing schuldeisers of executoriaal beslag), maar van het eigenlijke te ontvangen inkomen. In situaties waar in fase 1 ook wordt gekomen tot een schuldregeling (al dan niet tegen finale kwijting) op grond van de beslagvrije voet of het VTLB is individualisering op grond van artikel 16 WWB mogelijk, echter geen uitgangspunt. Een eventuele verstrekking van de bijzondere bijstand zal dan ook niet per definitie om niet worden verstrekt. De mogelijkheden ihkv leenbijstand zullen worden bekeken, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele aflossing na afloop van de schuldregeling (mits dit past binnen de periode van 36 maanden). Voorstel 9: Tijdens fase 1 van het minnelijke traject wordt in principe uitgegaan van het eigenlijke te ontvangen inkomen en niet van het feitelijk besteedbare inkomen. In situaties waar in fase 1 ook wordt gekomen tot een schuldregeling (al dan niet tegen finale kwijting) op grond van de beslagvrije voet of het VTLB is individualisering op grond van artikel 16 WWB mogelijk, echter geen uitgangspunt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel