1.. Onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van het college draagt de directieraad met inachtneming van de taakverdeling als bedoeld in artikel 5 lid 4 de verantwoordelijkheid voor:

  • - advisering en bijstand aan het college;
  • - de realisatie van de gestelde bestuurlijke en ambtelijke doelen, de bedrijfsvoering en effectiviteit van de organisatie;
  • - de samenhang, aansturing en het beheer van de ambtelijke

    organisatie;

  • - de signalering en advisering over complexe en strategische vraagstukken op bestuurlijk en concernbreed niveau met een grote politieke en maatschappelijke impact;
  • - de doorontwikkeling en innovatie van de organisatie;
  • - het geven van richtlijnen voor de interne werking van de organisatie en de

    daarin toegepaste systemen en werkwijzen;

  • - het geven van richtlijnen voor de uitvoering van het middelenbeleid en het

    toedelen van middelen;

  • - de sturing op stadsdeelgericht werken, strategische projecten en strategisch beleid;
  • - de bewaking van de integriteit van de ambtelijke organisatie;
  • - de definiëring en rechtstreeks opdrachtgeverschap van programma’s en projecten.