Vooroverleg
De gemeente biedt aanvragers en ontwerpers de
mogelijkheid om, voorafgaand aan de formele
bouwvergunningaanvraag, vooroverleg te plegen met de
welstandscommissie over de interpretatie van de
welstandscriteria in het concrete geval van hun
bouwplan. Hiertoe kan een concept aanvraag worden
ingediend via het Omgevingsloket. Het vooroverleg met de
welstandscommissie kan pas starten, nadat duidelijkheid
bestaat over de planologische aanvaardbaarheid van het
plan (oftewel: past het in het vigerende
bestemmingsplan). Omdat het vooroverleg diep kan
ingrijpen in de planontwikkeling moet het met de nodige
waarborgen worden omgeven.
Ook tijdens het vooroverleg moet de kwaliteit van het
aangeleverde materiaal een goed beeld geven van het plan
en de relatie met de omgeving. De welstandscommissie kan
zich een goed oordeel vormen als de volgende zaken
worden aangeleverd: situatieschets inclusief
aansluitende terreinen (minimaal schaal 1:1000), foto's
van de bestaande situatie en de omgeving, bij
verbouwingsplannen tevens schetsen van bestaande
plattegronden, doorsneden en gevelaanzichten (minimaal
schaal 1:100). Bij grote projecten kan de
welstandscommissie een werkmaquette van het bouwwerk en
zijn omgeving vragen om de schaal en massa te kunnen
beoordelen.
Op verzoek van de aanvrager kan dit overleg achter
gesloten deuren plaatsvinden. De aanvrager dient deze
wens bij het college van burgemeester en wethouders
kenbaar te maken.
Preadvies
In afwachting van de verdere ontwikkelingen
van het plan wordt met een preadvies verslag uitgebracht
van het vooroverleg en eventueel gemaakte afspraken
vastgelegd. Op deze wijze wordt zorg gedragen voor een
goede verslaglegging en een consistente advisering in
alle planfasen.
Indien in het vooroverleg een plan ter sprake komt dat
afwijkt van de welstandscriteria, zoals opgenomen in de
welstandsnota, maar niettemin voldoet aan redelijke
eisen van welstand volgens de algemene criteria, dan zal
dit expliciet in het preadvies worden vermeld. Het
college van burgemeester en wethouders kan zich daar
eveneens tijdig een zelfstandig oordeel over vormen. Op
verzoek van de opdrachtgever kan dit overleg achter
gesloten deuren plaatsvinden. De opdrachtgever dient
deze wens bij het college van burgemeester en wethouders
kenbaar te maken.