Voorzieningen
Het College kan een persoon behorende tot de doelgroep door het aanbieden van een traject (laten) ondersteunen bij het zoeken naar en verwerven van algemeen geaccepteerde arbeid, alsmede bij het wegnemen van belemmeringen voor het zoeken en verwerven van algemeen geaccepteerde arbeid.
Het traject kan bestaan uit de volgende voorzieningen:
vrijwilligerswerk: een voorziening zoals omschreven in artikel 1 lid 2 sub s van deze verordening;
werkoriëntatie: een voorziening zoals omschreven artikel 1 lid 2 sub t van deze verordening;
gesubsidieerd werk : een voorziening zoals omschreven in artikel 1 lid 2 sub u van deze verordening;
scholing;
kinderopvang;
het verstrekken van een premie per kalenderjaar aan de uitkeringsgerechtigden ( fase 3 en 4) met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en alleenstaande ouders en arbeidsgehandicapten, die zich hebben ingespannen richting arbeidsmarkt door bijvoorbeeld een traject te doorlopen en in voltijd en/of in deeltijd zijn gaan werken;het verstrekken van een premie voor de uitkeringsgerechtigde die zes maanden onbeloonde additionele werkzaamheden als bedoeld in artikel 10a , zesde lid van de WWB heeft verricht en naar het oordeel van het College in die zes maanden voldoende heeft meegewerkt aan het vergroten van zijn kans op arbeidsinschakeling in het arbeidsproces.
nazorg: activiteiten die er op gericht zijn uitstroom te continueren ten einde hier een duurzaam karakter aan te geven;
activiteiten in het kader van schuldhulpverlening : activiteiten zoals schuldbemiddeling en schuldsanering indien de schuldsituatie een belemmering vormt voor de arbeidsinschakeling;
work first: een voorziening waarbij werkoriëntatie of gesubsidieerd werk direct aan het begin van het traject wordt ingezet;
participatieplaats;
Voor zover de belanghebbende niet beschikt over een startkwalificatie wordt binnen 6 maanden na aanvang van de onbeloonde additionele werkzaamheden als bedoeld in artikel 10a van de WWB door het College beoordeeld in hoeverre scholing of opleiding kan bijdragen aan vergroting van de kans op inschakeling in het arbeidsproces.
Het college betrekt bij deze beoordeling :
in hoeverre belanghebbende de krachten en bekwaamheden bezit om scholing of opleiding te volgen;
het oordeel van degene in wiens opdracht de belanghebbende de werkzaamheden uitvoert;
de scholingswens van belanghebbende:
Het College kan voor de uitvoering van het traject, bedoeld in het tweede lid van dit artikel, afspraken maken met derden, waaronder werkgevers en re-integratiebedrijven.
Bij uitvoeringsbesluit stelt het College ten aanzien van de voorzieningen, genoemd in het tweede lid van dit artikel, nadere regels.
Voor het bepalen van de vorm en inhoud van het plan van aanpak, bedoeld in artikel 44a van de WWB , gelden de volgende regels:
het college stemt de ondersteuning af op de individuele omstandigheden van de belanghebbende. De ondersteuning kan bestaan uit de voorzieningen, bedoeld in artikel 9 lid 2 van deze verordening met uitzondering van de voorzieningen, bedoeld
in artikel 10a van de WWB en in artikel 31, vijfde lid van de WWB.
het college bepaalt de wijze waarop en de mate waarin de evaluatie van het plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a plaatsvindt.