**1.** Het verlenen van subsidie geschiedt slechts aan instellingen.
**2.** Mits deugdelijk en inhoudelijk gemotiveerd, kan in bijzondere gevallen aan natuurlijke personen en aan bedrijven, subsidie worden verleend.
**3.** Het verlenen van subsidie aan groepen personen kan in die gevallen, waarin dat als mogelijkheid is opgenomen in een specifiek hoofdstuk.
**4.** Instellingen, die in aanmerking willen komen voor subsidie dienen, analoog aan artikel 4:66 van de Awb, rechtspersoonlijkheid te bezitten, behalve wanneer het college daarvan afwijking toestaat.
**5.** Voor verenigingen zonder volledige rechtsbevoegdheid geldt dat deze ingeschreven dienen te zijn in het verenigingsregister, gehouden door de Kamers van Koophandel, om aanspraak te kunnen maken op subsidie.
**6.** Wanneer een subsidie wordt verleend aan een natuurlijk persoon of aan een groep personen kan het college het voorschrift opleggen, dat een verklaring wordt overgelegd van een instelling die bereid is als tussenpersoon op te treden en die tevens verklaart de in deze Nadere Regels opgenomen algemene subsidievoorschriften te aanvaarden.
**7.** Indien een subsidie wordt verleend aan een natuurlijk persoon, een groep personen of aan een bedrijf, worden de in deze Nadere Regels gestelde bepalingen volledig toegepast.
Titeldeel 3 › Hoofdstuk 1
Artikel 2