**1.** De gemeentesecretaris onderzoekt de klacht, tenzij de klacht tegen hem gericht is en hoort klager of diens gemachtigde en de persoon over wie is geklaagd. Van dit horen stelt hij een verslag op. Een kopie van dit verslag wordt gezonden aan klager, aan de persoon over wiens gedraging is geklaagd en de klachtencoördinator.
**2.** De gemeentesecretaris stelt een rapport op voor het college, vergezeld van zijn advies en eventuele aanbevelingen. Het rapport bevat tevens het verslag van het horen.
**3.** Indien het besluit van het college afwijkt van het advies, wordt in de beslissing op de klacht daarvan de reden vermeld.
**4.** De gemeentesecretaris stelt klager schriftelijk en gemotiveerd in kennis van de beslissing op de klacht, zoals bedoeld in artikel 9:12 van de Algemene wet bestuursrecht. Het college, de persoon over wiens gedraging is geklaagd en de klachtencoördinator ontvangen hiervan een kopie.
**5.** a.Indien een klacht betrekking heeft op de gemeentesecretaris, behandelt de burgemeester de klacht.
b.Indien een klacht betrekking heeft op de burgemeester behandelt de loco-burgemeester de klacht.
c.Indien een klacht betrekking heeft op het college van burgemeester en wethouders of een lid ervan behandelt de burgemeester de klacht, tenzij deze zelf onderwerp is van de klacht, in welk geval lid b van toepassing is.
d.Indien een klacht betrekking heeft op de gemeenteraad, een raadscommissie en de griffier behandelt de voorzitter van de gemeenteraad de klacht.
**6.** Elke klacht wordt vertrouwelijk behandeld.
**7.** Het bestuursorgaan handelt de klacht binnen zes weken of, na verdaging, binnen tien weken na ontvangst van het klaagschrift af. De klachtencoördinator deelt de verdaging schriftelijk mee aan klager en degene over wiens gedraging is geklaagd,