**1.** Degene die op grond van het bepaalde in artikel 6 daartoe is aangewezen onderzoekt de klacht en hoort (al dan niet in elkaars aanwezigheid) de klager en degene tegen wie de klacht gericht is.
**2.** Indien een klacht betrekking heeft op een gedraging jegens een ander dan de indiener, wordt door het bestuursorgaan ook contact opgenomen met die ander.
**3.** Van het horen kan worden afgezien als de klacht kennelijk ongegrond is, of als de klager heeft aangegeven geen gebruik te willen maken van het recht om te worden gehoord.
**4.** Van het horen wordt een verslag gemaakt.