Als na afweging van de feiten en betrokkenheid van de persoon in kwestie blijkt dat er inderdaad sprake is van plichtsverzuim beslist het bevoegd gezag over een eventuele disciplinaire strafoplegging. Bij plichtsverzuim is het opleggen van straf niet verplicht. Een besluit daartoe wordt aan eigen inzicht en oordeel overgelaten. Het is uiteraard wel zaak om een consistente en consequente lijn te hanteren waarbij een vastgestelde schending van integriteit wordt bestraft en gelijke gevallen gelijk worden behandeld. Daarmee wordt het signaal afgegeven dat integriteit binnen onze organisatie belangrijk gevonden wordt.
Er zijn ook alternatieven voor disciplinaire strafoplegging. Zo kan in lichtere gevallen gekozen worden voor een streng gesprek, uiteraard met schriftelijke vastlegging daarvan. Als sprake is van misbruik van alcohol, drugs of van gokverslaving met gevolgen voor de functie-uitoefening kan dit bijvoorbeeld ook aangepakt worden door in eerste instantie strakke afspraken met de persoon in kwestie te maken over een behandeltraject. Deze afspraken zijn voor betrokkene niet vrijblijvend. Deze wijze van omgaan met plichtsverzuim wordt ambtelijke afdoening genoemd. De eigen leidinggevende speelt in een dergelijke aanpak een belangrijke rol.