Het is verboden om zonder vergunning van het bevoegde gezag een boom, die voorkomt op de lijst met beeldbepalende en monumentale bomen, te vellen;
Het is tevens verboden om zonder vergunning van het bevoegde gezag een boom te vellen als deze onderdeel uitmaakt van de dorps- of wijkstructuur én een stamdiameter heeft van 15 cm of meer, gemeten op 1.30 m boven het maaiveld;
Als de in lid 1 en 2 genoemde bomen worden geveld, geldt hierbij een herplantplicht waarbij een minimale stamomtrek van 16-18 cm, gemeten op 1.30 m boven het maaiveld geldt;
De vergunning kan in elk geval worden geweigerd op grond van:
de monumentale waarde van de houtopstand;
de landschappelijke waarde van de houtopstand;
de beeldbepalende waarde van de houtopstand;
de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
de ecologische waarde van de houtopstand.
Het bevoegde gezag kan voorschriften aan de vergunning verbinden;
Voor dunning is geen vergunning vereist;
Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing;
De vergunning vervalt indien daarvan niet binnen een termijn van maximaal 1 jaar na afgifte gebruik is gemaakt;
Het college kan de rechthebbende van een boom aanschrijven, indien het college van oordeel is dat deze boom een gevaar oplevert voor verspreiding van een besmettelijke ziekte. Het college kan aan de rechthebbende voorschriften opleggen ten einde dit gevaar te verminderen of uit te sluiten;
Als er sprake is van een zeer onveilige situatie, dan kan het bevoegde gezag een noodkap toestaan. Hiervoor is geen vergunning vereist;
In het gemeentelijke groenbeleid kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot deze afdeling.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 10
erKapverbod
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2014