Inkomen en vermogen zijn bepalend voor het vaststellen van de behoefte
aan bijstand. Ligt het inkomen boven bijstandsniveau dan zal gekeken
moeten worden in hoeverre iemand zelf de kosten kan betalen. Hetzelfde
geldt als het vermogen en het vermogen in de woning meer bedraagt dan de
vermogensgrenzen genoemd in artikel 34 WWB.
a. draagkracht in het inkomen ( artikel 31, 32 en 33
WWB)
Wat is inkomen?
Relevante informatie hieromtrent is terug te vinden in de artikelen
31
( middelen), artikel 32 (inkomen), artikel 33 (bijzonder inkomen) Voor
bijzondere bijstandsverlening wordt bij deze artikelen aangesloten.
Aandachtspunten zijn:
- het gaat om netto inkomen ( het inkomen dat resteert na inhouding van
belastingenverplichte inhoudingen zoals premie zorgverzekering en premie
werknemersverzekeringen);
- heffingskortingen;
- gratificaties en 13e maand;
- premies gericht op arbeidsinschakeling, kostenvergoedingen en een
inkomstenvrijlating worden niet tot het inkomen gerekend;
- inkomsten uit onderverhuur en kostgangers worden niet tot het
inkomen gerekend, maar worden verdisconteerd in de bijstandsnorm
( een lagere toeslag of een verlaging van de bijstandsnorm
gehuwden).
Deel 1
Artikel 1.3
Draagkracht
Onderdeel van Handreiking voor de uitvoering van de Wet Werk en Bijstand (WWB)