Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Kennelijk onjuiste aanslag

Onderdeel van Beleidsregels met betrekking tot de waardeherziening en navordering 2005

1.. Er is sprake van een 'kennelijk onjuiste aanslag' zoals bedoeld in artikel 5.3, als de aanslag een dermate grote afwijking vertoont van hetgeen bij belastingplichtige bekend is te achten met betrekking tot zijn belastingschuld, dat bij hem niet het vertrouwen kan zijn gewekt dat de vaststelling juist kan zijn. 2.. Voor de toepassing van deze regeling is er sprake van een kennelijk onjuiste aanslag zoals bedoeld in het eerste lid, als blijkt dat voor: de onroerendezaakbelastingen de belasting had moeten worden geheven met toepassing van een vastgestelde waarde welke ten minste 20 percent, met een minimum van € 22.689,- hoger is dan de op de aanslag vermelde vastgestelde waarde en/of de belasting had moeten worden geheven. de hondenbelasting de belasting had moeten worden geheven met toepassing van een groter aantal honden dan het op de aanslag in de heffing betrokken aantal honden; het rioolrecht voor eigenaren de belasting had moeten worden geheven met toepassing van een groter aantal zelfstandige gedeelten dan het op de aanslag in de heffing betrokken aantal zelfstandige gedeelten; het rioolrecht voor gebruikers de belasting had moeten worden geheven met toepassing van een hoger aantal eenheden kubieke meters afvalwater dan het op de aanslag in de heffing betrokken aantal eenheden kubieke meters afvalwater; de overige belastingen en de leges de belasting had moeten worden geheven met toepassing van een hogere grondslag dan de op de aanslag of kennisgeving betrokken grondslag. 3.. Navorderingsaanslagen van minder dan € 45,- worden niet opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel