Lid 1

De werkgever kan de medewerker stimuleren, dan wel weerhouden om gebruik te maken van de FPU- Gemeenten, indien het dienstbelang met betrekking tot de datum van (gedeeltelijke) uittreding afwijkt van de wens van de medewerker.

Lid 2

Om de medewerker ervan te weerhouden met de FPU-Gemeenten te gaan, kunnen de volgende instrumenten ingezet worden:

  • - het toekennen van extra verlofuren;
  • - de medewerker in de gelegenheid stellen tot het volgen van een opleiding die niet past in het opleidingsplan met volledige toekenning van studieverlof en vergoeding van de opleidingskosten;
  • - de medewerker in staat stellen een opleiding te staken, zonder verdere consequenties;
  • - taakverlichting met behoud van bezoldiging;
  • - financiële vergoeding;
  • - aanpassing van de betrekkingsomvang;
  • - extra arbeidsvoorwaarden voor een periode van maximaal 3 of 4 jaar en/of ander door de werkgever met de medewerker gemaakte afspraken.

Lid 3

In principe stimuleert de BAR organisatie de medewerker niet om gebruik te maken van de FPU-Gemeenten regeling. Indien hier bij hoge uitzondering toch sprake van mocht zijn, dan kan het dagelijks bestuur hierover afspraken maken met de medewerker.