Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Staat van het perceel

Onderdeel van Algemene Voorwaarden bij uitgifte in erfpacht van onroerende zaken 2013

Het perceel wordt overgedragen in de staat waarin deze zich bevindt: a. op het moment van de vestiging van het recht van erfpacht; of b. -indien het perceel reeds voordien door de erfpachter in gebruik is genomen- bij die ingebruikneming. Het perceel is met ingang van het moment van tekenen van de notariële akte van uitgifte in erfpacht voor rekening en risico van erfpachter, tenzij het perceel reeds voordien in gebruik is genomen, in welk geval het risico met ingang van de dag van ingebruikneming overgaat op erfpachter. Het perceel wordt in erfpacht uitgegeven met alle daarbij behorende rechten en aanspraken en vrij van hypothecaire inschrijvingen en beslagen doch overigens met alle daaraan verbonden erfdienstbaarheden en/of (kwalitatieve) verplichtingen. De gemeente geeft in de notariële akte kennis van de haar bekende erfdienstbaarheden, kwalitatieve verplichtingen, kettingbedingen en overige lasten en/of beperkingen. erfpachter aanvaardt deze lasten en/of beperkingen uitdrukkelijk en hij is verplicht alle op het perceel rustende verplichtingen, zoals vermeld in de notariële akte, na te leven, die bij de verkrijging van het in erfpacht uitgegeven perceel door de gemeente op haar overgingen, één en ander voor zover laatstgenoemde gehouden is deze verplichtingen op te leggen. Naast het gestelde in lid 4 aanvaardt de erfpachter uitdrukkelijk de lasten en/of beperkingen die: a. in de openbare registers zijn ingeschreven, b. voor hem uit de feitelijke situatie kenbaar zijn en/of c. voor hem geen wezenlijk zwaardere belasting betekenen. De gemeente staat er voor in, dat zij bevoegd is het perceel in erfpacht uit te geven.

Rechtspraak bij dit artikel