Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Tenietgaan van het perceel

Onderdeel van Algemene Voorwaarden bij uitgifte in erfpacht van onroerende zaken 2013

Indien het in erfpacht uitgegeven perceel door overmacht vóór het tijdstip van risico-overgang zoals bedoeld in artikel 12 lid 2 wordt beschadigd dan wel geheel of gedeeltelijk verloren gaat, is de erfpachtovereenkomst van rechtswege ontbonden, tenzij binnen vier weken daags ná het onheil, maar in ieder geval vóór de overeengekomen datum van vestiging: a de erfpachter uitvoering van de erfpachtovereenkomst verlangt, in welk geval de gemeente aan de erfpachter op de overeengekomen datum van vestiging het in erfpacht uitgegeven perceel aflevert in de staat waarin het zich dan bevindt met alle rechten, uit welke hoofde ook, die de gemeente ter zake van het onheil jegens derden toekomen, dan wel b de gemeente verklaart de schade binnen vier weken ná het onheil voor zijn rekening te zullen herstellen, in welk geval de eerder overeengekomen datum van vestiging verschuift naar de dag volgend op die waarop de vier weken zijn verstreken. Indien herstel binnen vier weken niet ten genoegen van de erfpachter plaatsvindt, dan is de erfpachtovereenkomst alsnog ontbonden, tenzij de erfpachter binnen veertien dagen ná die vier weken schriftelijk verklaart gebruik te willen maken van het hem onder sub a toegekende recht, in welk geval de vestiging op de overeengekomen datum of uiterlijk zes weken daarna plaatsvindt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel