**1..** Indien een medewerker, op grond van een beoordeling, onvoldoende functioneert, kan worden bepaald dat voor hem de in artikel 8 bedoelde salarisverhoging achterwege wordt gelaten
**2..** Nadien kan worden bepaald dat de salarisverhoging, welke met toepassing van het eerste lid achterwege is gelaten, al dan niet met terugwerkende kracht alsnog wordt toegekend.
**3..** Als er in de beoordelingsperiode (maximaal 1 jaar) een periode van 6 maanden geen arbeid is verricht kan de manager bepalen dat niet kan worden vastgesteld of er sprake is van voldoende functioneren. Redenen van afwezigheid kunnen zijn: arbeidsongeschiktheid (art. 7:8:2 CAR), onbetaald verlof, deelname levensloopregeling, etc.
**4..** Van een beslissing tot toepassing van het eerste en derde lid wordt de medewerker zo spoedig mogelijk, doch in elk geval voor de datum waarop anders de salarisverhoging zou ingaan, schriftelijk mededeling gedaan, onder vermelding van de redenen welke tot de beslissing hebben geleid.
Hoofdstuk II.
Artikel 9
Geen periodieke verhoging
Onderdeel van Bezoldigingsregeling gemeente Horst aan de Maas