Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Het voortgangsgesprek

Onderdeel van Regeling Gesprekkencyclus gemeente Capelle aan den IJssel 2014

1.. Het voortgangsgesprek wordt in geval van de keuze voor een cyclus van een jaar gehouden tussen de leidinggevende en de medewerker in de periode tussen vijf en zeven maanden na het planninggesprek. In geval van de keuze voor de cyclus van twee jaar voor medewerkers die niet gebonden zijn aan het concernjaarplan en/of het afdelingsjaarplan vindt het voortgangsgesprek plaats tussen 11 en 13 maanden na het planninggesprek. 2.. In geval dat ter beoordeling van de leidinggevende is vastgesteld dat de gesprekkencyclus eenmaal per twee jaar wordt uitgevoerd, vindt voor de medewerkers die het concernjaarplan en/of het afdelingsjaarplan vooral als grondslag hebben voor hun werkzaamheden een tweede voortgangsgesprek plaats in het tweede jaar na het planninggesprek. Het tweede voortgangsgesprek wordt gehouden tussen 5 en 7 maanden na het eerste voortgangsgesprek. 3.. Het doel van het in het tweede lid van dit artikel bedoelde tweede voortgangsgesprek is het actualiseren van de planning van de te behalen resultaten, waarvan de noodzaak voortvloeit uit nieuwe of gewijzigde werkzaamheden of projecten uit het concernjaarplan en/of het afdelingsjaarplan in het tweede jaar van de gesprekkencyclus. 4.. De datum en het tijdstip van het voortgangsgesprek worden bepaald door de leidinggevende naoverleg met de medewerker. 5.. Ongeveer een week voorafgaande aan het voortgangsgesprek worden de wenselijke gespreksonderwerpen en de algemene indruk van de leidinggevende over de medewerker vastgelegd in het formulier Gesprekkencyclus. 6.. Het doel van het voortgangsgesprek en in voorkomend geval het tweede voortgangsgesprek is het bespreken door de leidinggevende en de medewerker van de voortgang van de overeengekomen resultaten, de prestaties en de competentieontwikkeling en mogelijk de persoonlijke ontwikkeling van de medewerker; daarnaast de wijze van ondersteuning hiervan door de leidinggevende en de algemene indruk van de medewerker over de leidinggevende. 7.. De leidinggevende kan het voortgangsgesprek en in voorkomend geval het tweede voortgangsgesprek voeren met een groep medewerkers die alle dezelfde functie vervullen. 8.. Onafhankelijk van het bepaalde in lid 7 van dit artikel vindt met alle medewerkers op wie het voortgangsgesprek en in voorkomend geval het tweede voortgangsgesprek betrekking heeft een individueel voortgangsgesprek plaats. Hierop wordt alleen dan een uitzondering gemaakt als de leidinggevende en de medewerker overeenkomen dat een individueel voortgangsgesprek niet noodzakelijk is. 9.. De medewerker kan zich in het voortgangsgesprek laten bijstaan door een gespreksondersteuner. 10.. De resultaten van het voortgangsgesprek worden door de leidinggevende vastgelegd in het formulier Gesprekkencyclus. Het formulier Gesprekkencyclus wordt uiterlijk een week na het voortgangsgesprek overhandigd aan de medewerker ter accordering. 11.. De leidinggevende en de medewerker accorderen het formulier Gesprekkencyclus. 12.. In geval dat geen overeenstemming wordt bereikt over de vastlegging van het voortgangsgesprek in het formulier Gesprekkencyclus vindt nader overleg plaats met de naasthogere leidinggevende. De door de medewerker gemaakte opmerkingen worden na het voortgangsgesprek toegevoegd aan het formulier Gesprekkencyclus. De naasthogere leidinggevende neemt vervolgens een besluit over de vastlegging van het voortgangsgesprek.

Rechtspraak bij dit artikel