De beoordeling wordt voorafgaand aan het evaluatie- en beoordelinggesprek opgemaakt door de beoordelaar.
De beoordelaar vraagt overeenkomstig de afspraken in het planningsgesprek dan wel op eigen initiatief andere medewerkers binnen de organisatie die in een functionele verhouding tot de medewerker staan om hun zienswijze over (onderdelen van) het functioneren van de medewerker te geven. Uitgangspunt is een schriftelijke vastlegging. Bij de beoordeling van medewerkers wordt in ieder geval de operationeel leidinggevende of de coördinator geraadpleegd. De beoordelaar blijft eindverantwoordelijk voor de beoordeling.
De beoordelaar zorgt voor transparantie en verifieerbaarheid over de wijze waarop de beoordeling tot stand is gekomen.
Artikel 13.
Voorbereiding evaluatie- en beoordelingsgesprek
Onderdeel van Regeling jaargesprekken en personeelsbeoordeling