Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 25

Opgravingen en begeleiding

Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Moerdijk 2014

Indien binnen het grondgebied van de gemeente Moerdijk onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van het doen van opgravingen in de zin van artikel 1, sub h Monumentenwet, dienen, onverminderd de overige bepalingen van deze wet: het college dient een programma van eisen vast te stellen als bedoeld in artikel 1 onder n van deze verordening, waarbij nadere regels worden gesteld ten aanzien van het onderzoek. de verstoorder dient voorafgaande aan het onderzoek, een plan van aanpak als bedoeld in artikel 1 onder m van deze verordening ter goedkeuring aan het bevoegd gezag te overleggen. In de nadere regels, zoals onder lid 1, sub a, neemt het college bepalingen op met betrekking tot het toezicht op de feitelijke uitvoering van het plan van aanpak. Tijdens het onderzoek dienen aanwijzingen van het college in acht te worden genomen. Om te kunnen beoordelen of het plan van aanpak aan het programma van eisen en eventuele nadere regels voldoet, vraagt het bevoegd gezag advies aan de aangewezen deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg zoals omschreven in de Wet op de Archeologische Monumentenzorg. Het is verboden om gravend archeologisch onderzoek te verrichten binnen de gemeente Moerdijk zonder een door burgemeester en wethouders goedgekeurd Programma van Eisen op grond van artikel 38 van de Monumentenwet en zonder een opgravingsbevoegdheid. Dit geldt tevens voor het opsporen van archeologische resten, munitie, wapens of munten met een metaaldetector.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel