Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Eigen bijdrage voorzieningen voor residentiële opvang op basis van inkomensafhankelijke bijdrage.

Onderdeel van Verordening eigen bijdrage maatschappelijke en vrouwenopvang

1.. De bijdrage die aan de cliënt in rekening wordt gebracht is gebaseerd op zijn netto-inkomen. 2.. De bijdrage bedraagt per maand een bedrag gelijk aan de uitkomst van de formule: I - J - C, waarbij: I staat voor het netto-inkomen; J staat voor 10% van de inkomsten uit tegenwoordige arbeid of uit pensioen; C voor de bijstandsnorm, ingevolge artikel 31 Abw. 3.. Indien een bijdrage over een gedeelte van een maand is verschuldigd, bedraagt de berekende bijdrage per maand, gedeeld door 30, vermenigvuldigd met het aantal dagen waarover de bijdrage is verschuldigd. 4.. De bijdrage die in rekening wordt gebracht bedraagt maximaal de door het college vastgestelde kostprijs. 5.. Indien de cliënt aan de instelling die de bijdrage int, niet de benodigde gegevens verstrekt ter vaststelling van de door hem verschuldigde bijdrage, wordt deze bijdrage vastgesteld op de kostprijs. 6.. Een cliënt die op grond van artikel 31 Abw een uitkering wordt verstrekt betaalt geen eigen bijdrage.

Rechtspraak bij dit artikel