Voor het verdeelvraagstuk is het van belang een inschatting te maken waar de risico’s voor de Rivierenlandse gemeenten liggen. De nieuwe taken Wmo en Jeugdzorg kennen een grote diversiteit aan producten. Het risico varieert per product. Hoe hoger het risico, hoe hoger de relevantie voor risicodeling. De afweging op welke producten risicodeling relevant is, dient zoveel mogelijk geobjectiveerd te worden. Daarom zijn 3 parameters (karakteristieken van het product) gebruikt, die bepalend zijn voor de mate van risico c.q. het risicoprofiel:
Voorspelbaarheid: de mate waarin het gebruik van het zorgproduct kan worden voorspeld;
Kostbaarheid: de kosten die gemoeid zijn met de aanspraak op het zorgproduct.
Frequentie: het gebruik van een zorgproduct in aantallen; het volume.
Producten die onvoorspelbaar zijn, duur zijn en een laag en/of sterk fluctuerende frequentie hebben, kennen het meeste risico. Voor de selectie zijn we uitgegaan van de volgende kenmerken:
Onvoorspelbaar: kwalitatieve inschatting van voorspelbaarheid van het zorggebruik naar de aard van het zorgproduct;
Kostbaar: als de kosten per product boven de € 50.000,- per jaar uitkomen of relatief duur zijn in verband met beschikbaarheid; bijvoorbeeld hoog specialistisch en hoge kostprijs in verband met gebouwlasten bij een intramurale setting.
Lage of sterk fluctuerende frequentie: een aantal van 100 personen of minder voor de hele regio per jaar. Het zorggebruik is laag of kan over verschillende jaren sterk fluctueren
Als voor een zorgproduct deze kenmerken van toepassing zijn, spreken we van een hoog risicoprofiel. Een hoog risicoprofiel heeft niet alleen effect op het financiële risico, maar ook op het inhoudelijke risico. Onzekere, dure zorg met een sterk fluctuerende vraag heeft negatieve consequenties voor de (beheersbaarheid van de) financiën. Het betekent echter ook een kwalitatief risico voor de cliënt. De zorgcapaciteit moet beschikbaar zijn, terwijl deze niet goed is in te schatten. De projectgroep Wmo/Jeugdzorg scoorde alle nieuwe zorgproducten op de genoemde kenmerken. De uitkomsten zijn opgenomen in bijlage 2 Het hoge risicoprofiel blijkt met name van toepassing op zeer specialistische, maar ook urgente zorg. Juist bij deze zorg kan het ontstaan van wachtlijsten, kwalitatieve risico’s hebben.
Als we de nieuwe taken Wmo en jeugdzorg toetsen aan deze drie kenmerken, hebben de volgende producten een hoog risicoprofiel:
voor Jeugdzorg: residentiële zorg, 24-uurs crisisopvang, spoedeisende zorg en jeugdzorg plus;
voor AWBZ/Wmo: crisisdienst.
Het scoren gebeurde op basis van de huidige gegevens. Nog niet alle basisgegevens over budgetten kosten en zorggebruik zijn echter beschikbaar. In een later stadium (zie het stappenplan in bijlage 3) vindt verdere data-analyse plaats, op grond waarvan de zorgproducten kunnen worden gescoord op het risicoprofiel. Met de huidige onderbouwing gaan we uit van risicodeling op de zorgproducten: residentiële zorg, spoedeisende crisiszorg, jeugdzorg plus en de crisisdienst. In bijlage 4 staan de zorgproducten met een hoog risicoprofiel omschreven.
Beslispunt 2:
Een hoog risicoprofiel toekennen aan zorgproducten met als kenmerken: hoge mate van onvoorspelbaarheid, hoge kosten en lage en/of sterk fluctuerende frequentie.
Artikel 3
Risicoprofiel per zorgproduct
Onderdeel van Nota Solidariteit transities Wmo en Jeugd: risicodeling tussen gemeenten in de regio Rivierenland