1.Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in artikelen 169, derde lid,
en 180, derde lid, van de Gemeentewet schriftelijk in bij de griffier.
2.De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige
leden van de raad en het college of de burgemeester.
3.De verlangde inlichtingen worden mondeling of schriftelijk in de eerstvolgende of in de
daaropvolgende vergadering gegeven.
4.De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de vergadering, waarin de
antwoorden zullen worden gegeven.
HOOFDSTUK 6
Artikel 39
Inlichtingen
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2015