De raad kan artikel 6 lid 6 en 7 buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voorzover
toepassing gelet op het belang van de uitoefening van de volksvertegenwoordigende,
kaderstellende en controlerende rol van de fractie, leidt tot een onbillijkheid van overwegende
aard. Daar, waar deze verordening niet in voorziet, beslist de raad op voorstel van het presidium.