Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Termijn voor herziening of navordering

Onderdeel van Regeling herziening waardebeschikking WOZ en navordering gemeentelijke belastingen 2004

1.. De bevoegdheid tot het vaststellen van een herziening van de vastgestelde waarde vervalt door verloop van vijf jaren na de vaststelling van de oorspronkelijke waardebeschikking. 2.. De bevoegdheid tot vaststelling van een navorderingsaanslag vervalt door verloop van vijf jaren na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan. Indien voor het doen van aangifte uitstel is verleend, wordt de navorderingstermijn met de duur van het uitstel verlengd. 3.. Voor de toepassing van het vorige lid wordt de belastingschuld waarvan de grootte eerst kan worden vastgesteld na afloop van het tijdvak waarover de belasting wordt geheven, geacht te zijn ontstaan op het tijdstip waarop dat tijdvak eindigt. 4.. Als een herziening van de vastgestelde waarde als bedoeld in artikel 2 leidt tot het vaststellen van een navorderingsaanslag als bedoeld in artikel 4, dan dient de navorderingsaanslag te worden vastgesteld binnen acht weken na het tijdstip waarop de beschikking waarbij de waarde is herzien, is vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel