**1.** Indien de betalingsplichtige een inkomen heeft op bijstandsniveau, bedraagt de betalingsverplichting 10% per maand van de toepasselijke bijstandsnorm, inclusief vakantietoeslag.
**2.** Voor een betalingsplichtige met een inkomen boven bijstandsniveau gelden de volgende uitgangspunten
betaling van de volledige vordering vindt plaats binnen de gestelde betalingstermijn;
wanneer betaling deze termijn niet haalbaar is, vindt betaling plaats binnen maximaal twaalf maanden;
Indien betaling binnen twaalf maanden ook niet haalbaar is, wordt een betalingsregeling vastgesteld.
**3.** Belanghebbende kan, onder overlegging van financiële en andere relevante gegevens, met bijbehorende afschriften van bewijsstukken, schriftelijk verzoeken om
wijziging van de eerder vastgestelde betalingsverplichting, of
tijdelijk uitstel van de opgelegde betalingsverplichting,
indien hij aan de eerder vastgestelde betalingsverplichting niet kan voldoen.
**4.** Bij een gegrond vermoeden dat de betalingscapaciteit van belanghebbende is gewijzigd, kan het college deze capaciteit opnieuw beoordelen. Het college kan, ook wanneer geen gegrond vermoeden aanwezig is, periodiek onderzoek naar de betalingscapaciteit verrichten in een door het college te bepalen frequentie.
**5.** Het college stelt de betalingsplichtige bij beschikking in kennis van een wijziging van de betalingsverplichting en legt de gewijzigde verplichting op met ingang van de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de beschikking bekend is gemaakt.
**6.** Indien de betalingsplichtige niet betaalt en niet bereid is tot het treffen van een minnelijke regeling of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet nakomt, wordt hij aangemaand om binnen twee weken na ontvangst van de aanmaning te betalen.
**7.** Indien de betalingsplichtige na ontvangst van de aanmaning niet bereid is tot het treffen van een minnelijke regeling of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet meer nakomt, wordt het terugvorderingsbesluit ten uitvoer gelegd door middel van:
verrekening met de periodiek verleende verstrekking op grond van artikel 4:93 Awb, of bij het ontbreken van deze mogelijkheid,
een executoriaal beslag overeenkomstig de artikelen 479b tot en met 479g, behoudens artikel 479e tweede lid, Rv of
een executoriaal of conservatoir beslag op roerende of onroerende goederen, overeenkomstig het Tweede boek van het Rv.
**8.** Het college brengt geen aanmaningskosten in rekening.
**9.** Indien het college de vordering ter executie overdraagt aan een derde die beroepsmatig belast is met de invordering, rekent het de door deze derde gemaakte kosten volledig door aan belanghebbende en verhoogt het de vordering met wettelijke rente.
**10.** De uitvaardiging en tenuitvoerlegging van een dwangbevel geschieden op kosten van de betalingsplichtige.
HOOFDSTUK 8
Artikel 8.8
Betalingsverplichting en heronderzoek
Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 Maassluis, Vlaardingen en Schiedam 2015