Met inachtneming van de artikelen 3 en 4 beoordeelt het college of belanghebbende(n) op de aanvraagdatum uitzicht, of geen uitzicht heeft op inkomensverbetering.

Deze beoordeling geschiedt aan de hand van:

  • - de krachten en bekwaamheden van een belanghebbende(n) en;
  • - de inspanningen die belanghebbende heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.