Naar hoofdinhoud
1.. In geval van ongewenst gedrag kan een klager daarover, door tussenkomst van de secretaris, een klacht indienen bij het bevoegd gezag, al dan niet met behulp van de vertrouwenspersoon. Indien de klacht mondeling wordt ingediend, wordt een verslag gemaakt van het indienen van de klacht en de inhoud daarvan. 2.. Indien het bevoegd gezag betrokken is bij het ongewenst gedrag, dan wendt de klager zich rechtstreeks tot de vertrouwenspersoon. 3.. De klacht bevat een omschrijving van de confrontatie met ongewenst gedrag, met vermelding van zo mogelijk tijd, plaats, omstandigheden, de inhoud van het gedrag, de beschrijving van de door klager reeds ondernomen stappen, de naam van de aangeklaagde en van eventuele getuigen. 4.. De klacht, of de weergave van de mondelinge klacht als bedoeld in het 1e lid, dient voorzien te zijn van handtekening, naam en adres van de klager en dagtekening. 5.. De medewerker ontvangt binnen een week een ontvangstbevestiging van de ingediende klacht. 6.. De klacht kan door meerdere personen gezamenlijk worden ingediend.

Rechtspraak bij dit artikel