In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle:
De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn in procedures vastgelegd en worden aan de betrokken partijen kenbaar gemaakt en periodiek geactualiseerd;
De administratieve organisatie en interne controle waarborgen dat:
de uitvoering rechtmatig en doelmatig is;
de treasuryactiviteiten adequaat kunnen worden uitgevoerd en bijgestuurd;
de juistheid, tijdigheid en volledigheid van de informatie verzekerd zijn;
Bevoegdheden zijn via delegatie en mandaat nader schriftelijk vastgelegd;
Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden:
iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd;
de uitvoering en de controle geschiedt door een afzonderlijke functionaris;
de uitvoering en de registratie in de financiële en leningadministratie geschiedt door een afzonderlijke functionaris.
Een transactie wordt onmiddellijk schriftelijk vastgelegd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten;
Tegenpartijen wordt opdracht gegeven de bevestigingen van iedere transactie te versturen naar de financiële administratie zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties;
Na ontvangst van de transactiebevestiging wordt de transactie direct gecontroleerd door de functionaris die belast is met de interne controle.
Hoofdstuk 5.
Artikel 12
Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle
Onderdeel van Regeling Treasury gemeente Houten