Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3:

Artikel 6

: ANTENNE-INSTALLATIE

Onderdeel van Beleidsregels kruimelgevallen

Voor de toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2 Wabo, juncto artikel 4 lid 5 van bijlage II van het Bor, komen in aanmerking masten voor mobiele communicatie, met inachtneming van de volgende bepalingen. Mogelijkheden dienen te zijn onderzocht om de antenne te plaatsen in een bestaande mast (site-sharing). Bij voorkeur plaatsing van een mast op een bedrijventerrein. Indien bovenstaande niet mogelijk is, plaatsing aan de rand van stedelijk gebied. Indien plaatsing op een bedrijventerrein of aan de rand van stedelijk gebied, niet mogelijk is, dient gebruik te worden gemaakt van bestaande hoge objecten. Bij plaatsing van een mast, dient de afstand tot de dichtstbijzijnde woning tenminste 50 meter te zijn. De mast mag niet worden geplaatst in beschermd stads- en dorpsgezicht. Bij plaatsing in het buitengebied dient bij voorkeur aansluiting te worden gezocht bij bestaande infrastructuur. De mast mag niet worden geplaatst in de Ecologische Hoofd Structuur, open gebied, weidevogelgebied. Voorafgaand aan plaatsing in het buitengebied dient een flora- en faunaonderzoek te worden gedaan. De voet van de mast dient aan het zicht te worden onttrokken i.v.m. landschappelijke inpassing. Indien het gaat om een antenne van een zendamateur dient, alvorens een aparte ruimtelijke afweging wordt gemaakt, aangetoond te worden dat vergunningsvrij bouwen geen soelaas biedt. Aanvrager dient in bezit te zijn van een licentie, afgegeven door Agentschap Telekom.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel