Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2.2

Inzetten sociaal netwerk of mantelzorgers

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Westland 2015

In het ondersteuningsplan van of namens de cliënt kan door of namens de cliënt de wens uitsproken om zijn sociale netwerk of mantelzorgers in te willen zetten (Verordening Wmo art.8). Indien de zorg geleverd wordt door een familielid of iemand uit het sociale netwerk kan een pgb alleen verstrekt worden als die persoon boven gebruikelijke mantelzorg levert. Hiermee wordt bedoeld dat het aantal uren uitstijgt boven de normen die vallen onder de gebruikelijke zorg. Voor het vaststellen van de hoeveelheid ondersteuning die ouders/gezinsleden redelijkerwijs zonder betaling bieden is de leidraad “gebruikelijke ondersteuning (volwassenen) en boven gebruikelijke ondersteuning (jeugd)” van toepassing. De gemeente is van mening dat de betalingen uit gelden aan het sociale netwerk in elk geval beperkt moeten blijven tot die gevallen waarin het de gebruikelijke hulp overstijgt. Ten aanzien van het inzetten van het sociaal netwerk of mantelzorgers kan een pgb worden verstrekt indien de mantelzorger aangeeft dat de zorg voor hem niet te zwaar wordt; Naast de gebruikelijke hulp kan een cliënt of zijn budgetbeheerder de mantelzorger een maximaal aantal uren per week een vergoeding verlenen met een pgb. Bij de beoordeling van het aantal uren zal gebruik gemaakt worden van de Indicatiewijzer van het CIZ. Informele hulp bij het maken van woningaanpassingen is minder goed denkbaar. Ingeval hiervoor een pgb wordt aangevraagd is het voor gemeenten van belang dat slechts een pgb wordt verstrekt indien naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de in te kopen woningaanpassingen veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden ingekocht.

Rechtspraak bij dit artikel