**1..** Indien één van de gehuwden geen recht op een inkomensvoorziening heeft en aan de rechthebbende een inkomensvoorziening wordt verleend als alleenstaande of alleenstaande ouder met toepassing van artikel 28, derde lid, van de wet, wordt de inkomensvoorzieningsnorm conform het bepaalde in artikel 3 vastgesteld.
**2..** Bij toepassing van het eerste lid wordt de niet-rechthebbende partner niet als medebewoner aangemerkt.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4.
Gehuwden waarvan één niet-rechthebbend
Onderdeel van Verordening toeslagen en verlagingen Wet investeren in jongeren