**1..** Het college kan de tenaamstelling van een vergunning wijzigen met
toepassing van de in en krachtens dit artikel gestelde regels.
**2..** Voor het wijzigen van de tenaamstelling van een vergunning als bedoeld
in artikel 2, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, dient de
vergunninghouder tenminste twee maanden voor de beoogde wijziging bij
het college een verzoek in, onder vermelding van de bij nadere regels en
beleidsregels aangegeven gegevens.
**3..** Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van het verzoek.
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van
toepassing.
**4..** Het college wijzigt de tenaamstelling van een vergunning, indien de
nieuwe vergunninghouder voldoet aan dezelfde voorschriften en nadere
eisen als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdelen c, d en e en
artikel 4, derde lid.
**5..** Wijziging van de tenaamstelling van een vergunning als bedoeld in het
tweede lid vindt slechts plaats aan de eigenaar van de woning, welke
volgens het bestemmingsplan Buitengebied aanwezig is op en behoort bij
het (voormalig) agrarisch bouwvlak. Artikel 2, negende tot en met elfde
lid, is van overeenkomstige toepassing.
**6..** Bij wijziging van de tenaamstelling van een vergunning die is verleend
voor de inwerkingtreding van de Kampeerverordening 2013 mogen de op dat
moment bestaande afwijkingen ten opzichte van de eisen als gesteld in en
krachtens artikel 2 en artikel 4 van deze verordening niet worden
vergroot. De aanvrager moet dit aantonen.